Brabant wil bouwen: Kom op Jongens, Tempo

Winkels en kantoren die in Brabant leegstaan moeten zo snel mogelijk worden ongebouwd tot woningen.

Woningbouw. © Creative Commons

En als het even kan moeten ze niet al te duur zijn en milieuvriendelijk bovendien.

Dat staat in de Brabantse Agenda Wonen die gedeputeerde Erik van Merrienboer in Den Bosch heeft gepresenteerd. De provinciebestuurder heeft haast, want over zo’n vijftien jaar moeten er in Brabant 120.000 woningen bij zijn gekomen. Daarvan komen er ongeveer 32.800 in West-Brabant terecht. Anno 2017 wonen ruim 2,5 miljoen Brabanders in circa 1,1 miljoen woningen.

Samenwerking
Om de gewenste aantallen te halen wil Van Merrienboer dat gemeenten meer gaan samenwerken. Tegelijkertijd maakt hij definitief een einde aan het bestaan van een typisch woningbouwfenomeen: het ‘contingent’. Dat is het aantal woningen dat een gemeente maximaal mag bouwen van de provincie.

Jarenlang is dat ‘contingent’ maatgevend geweest, maar die tijd is nu voorbij. ,,Ik wil nergens meer horen: ‘We kunnen niet bouwen, want we hebben geen contingent’. Wat mij betreft bestaat dat excuus niet meer.’’

Subregio’s
Brabant is nu opgedeeld in een aantal subregio’s, groepen gemeenten die voortaan met elkaar moeten afspreken waar en hoeveel huizen er worden gebouwd. Het gaat dan vooral om wijken die ‘in de polder’ worden aangelegd.

Liever ziet Van Merrienboer dat de gemeenten werk maken van ‘inbreiding’. Dat is het bouwen binnen de bebouwde kom. Dat kan in leegstaande gebouwen zijn, maar ook op bedrijventerreinen die niet langer gebruikt worden zoals het CSM-terrein in Breda.

Wie wil inbreiden kan min of meer zijn gang gaan. ,,Kom op, jongens… Tempo’’, zegt Van Merrienboer. Die daarna meteen benadrukt dat aantallen alleen niet goed genoeg zijn. Hij wil dat er ‘zorgvuldig’ wordt gebouwd. Het gaat om de kwaliteit, niet om de kwantiteit. De stad moet wel leefbaar blijven. Op van die te snel gebouwde jaren 80-woningen zit de gedeputeerde niet langer te wachten.

Dat is niet de enige voorwaarde die Den Bosch stelt. Het heeft al lang geen zin meer om voornamelijk eengezins-woningen te bouwen. Daar zitten in verhouding nog maar weinig mensen op te wachten. Al is het alleen al omdat in 2040 meer dan veertig procent van de huishoudens uit niet meer dan een persoon bestaat.

Dat betekent dat er moet worden geëxperimenteerd met alternatieve woonvormen, zoals flexwonen, tiny houses, tijdelijke woningen en wat er nog meer wordt verzonnen voor de moderne ‘woonconsument’.

De gemeenten krijgen dus meer vrijheid: ,,We gaan ze niet elk jaar meer de maat nemen.’’ Maar ze moeten dus wel vaker met elkaar overleggen. Van Merrienboer verwacht geen problemen: ,,In West-Brabant heb ik niet zo veel te klagen over samenwerking. Daar hebben ze door hoe het werkt.’’

Ook al zitten ze samen in een ‘subregio’ met meerdere buren, de gedeputeerde benadrukt dat de gemeenten zelf verantwoordelijk blijven voor goed overleg. ,,Het is niet de bedoeling dat de Regio West-Brabant dit gaat regelen’’, zegt Van Merrienboer. ,,Ik ben niet bezig om de autonomie van gemeenten in te ruilen voor zo’n regionaal instituut.’’

Bron: BN De Stem