Snijtechniek Brabant marktleider in jachtbouw

Snijtechniek Brabant marktleider in jachtbouw: ‘Lopen liefst twee stappen voor op concurrentie’

De mogelijkheden van het freeswerk van Snijtechniek Brabant te zien in een aluminiumplaat

In 1991 begon Snijtechniek Brabant met het leveren voor de jacht- en scheepsbouwindustrie. Lange tijd werden er ook veel kleine jachten ‘gemaakt’, sinds 2010 zit het bedrijf voor tachtig procent in de megajachtbouw. Mede door innovatie is het Raamsdonksveerse bedrijf marktleider in de eigen branche.

Als directeur Edwin Pols het bedrijf op de meest simpele manier omschrijft, is hij duidelijk: “De IKEA van de jachtbouw. We leveren bouwpakketten.” En dan gaat het om de megajachten, waarbij er vooral wordt gewerkt met aluminium. “Tot 81 meter kan een boot helemaal uit aluminium gebouwd zijn. Boven de tachtig meter is het een stalen onderschip en een aluminium opbouw. Onlangs hebben we de grootste aluminium zeiljacht van de wereld gemaakt, van 81 meter. En we hebben vorig jaar het grootste aluminium motorjacht van de wereld gemaakt. Aluminium is het product van de toekomst.”

Een groot gedeelte van het werk wordt gedaan in Raamsdonksveer, waar 38 man werken bij Snijtechniek Brabant. Daarnaast zijn er nog zes werkzaam in India. “Daar wordt het monnikenwerk gedaan. Het is niet dat het daar goedkoper is, maar daar ze kunnen up- en downgraden. Ze hebben daar een flat met 750 ingenieurs en kijken mee in onze planning. Zijn wij druk schakelen ze bij, hebben wij minder werk zetten ze mensen ergens anders weg.”

Innovatie
De laatste jaren heeft Snijtechniek Brabant heel wat ontwikkelingen doorgemaakt. En dat heeft effect op de hoeveelheid werk die er is. “We zitten propvol. En nu heeft de industrie en architectuur ons ook nog ontdekt, terwijl we geen uur tijd over. Dat zijn luxeproblemen. Als je minder werk hebt, heb je problemen. Nu is het juist heel erg druk, kunnen we het bijna niet aan.”

Als marktleider zit Pols niet stil met zijn bedrijf. “We zijn heel innovatief. Lopen het liefst altijd twee stappen vooruit op de concurrentie.” Met een speciaal ontworpen freestechniek heeft Snijtechniek Brabant een enorm voordeel ten opzichte van de concurrentie. Het zorgt voor de ultieme kwaliteit. En de concurrentie durft niet te beginnen waar wij aan begonnen zijn”, zegt Pols, die met zijn bedrijf de ultieme bewerking voor aluminium platen verzorgt door middel van droog-freestechniek.

“We hoeven niet te koelen of te smeren, maar we hebben een combinatie gevonden waar we goed mee uit de voeten kunnen. Een techniek die niemand heeft. Puur door de kennis die we hier hebben”, vervolgt Pols, die daarbij vooral naar de rest van het bedrijf wijst. “We doen alles samen hier, dat is het belangrijkste.”

Toekomst
Een plotter is bedacht, die een deel van het werk overneemt en dat veel sneller doet. Er is een app ontwikkelt speciaal voor Snijtechniek Brabant, waarmee ze kunnen werken. “En we kunnen als enige in onze branche QR-codes printen. Je wil niet weten wat je daar allemaal in kwijt kunt. We zijn continue met innovatie bezig.”

En daarbij kijkt men ook naar de toekomst. “We werken hier nagenoeg papierloos. En honderd procent van ons afval word gerecycled, gaat terug naar de fabriek”, zegt Pols, die nog een voorbeeld geeft. “Als de freesmachine even klaar is, draait hij uit. De energie van de uitdraaiende freesmachine maakt energie en leveren we terug aan het net. En we hebben nog meer plannen.”

Eindproduct
Wat Pols en de rest van het bedrijf uiteindelijk niet ziet, is het eindproduct dat komt uit de bouwpakketten die geleverd worden. “Wij worden wel eens gebeld door klanten of we willen proefvaren, want wij zijn de enige die nooit vraagt of we mogen komen. Als ik honderd miljoen euro uitgeef wil ik ook niet iedereen op mijn boot hebben. Al geef ik een ton uit, dan wil ik niet dat iedereen op de boot loopt. We zijn al wel een paar keer op een personeelsdag naar een klant geweest. Dan herkennen ze onderdelen die ze gemaakt hebben. Maar we komen niet op kant- en klare boten. Dat is onze branche ook niet, we zitten echt op de bouwpakketten.”

Bron: VOG Redactie – Fabian Eijkhout