Op VMBO On Stage vinden de ondernemers de vakman (M/V) van de Toekomst

Motto VMBO Beroepenfeest: “Alles mag je worden, behalve ongelukkig”.

Met dat motto krijgen duizenden vmbo’ers in Nederland dit jaar hun eigen Beroepenfeest: VMBO On Stage. De rode loper wordt uitgerold, de visitekaartjes gedrukt, met maar één doel: ondernemers matchen aan vmbo’ers. Die zijn de toekomst. Zo gaat het er aan toe in Delft, waar alweer 12 jaar geleden de eerste editie plaatsvond.

Ondernemer Mike Verweij is pas 23, maar runt toch al een paar jaar met veel succes zijn eigen schildersbedrijf. Bijna tien jaar geleden liep hij hier ook rond, als 13-jarig mannetje op zoek naar wat hij na het vmbo wilde gaan doen. Want hoe kies je eigenlijk wat je misschien wel de rest van je leven gaat doen? Door te praten met mensen die het nu al doen. Dus vandaag wil Verweij de liefde voor het schildersvak aanwakkeren bij de nieuwe generatie vmbo’ers, vertelt hij in de techniekhoek van sporthal de Buitenhof, én laten zien hoe het leven als ondernemer is. En dat doet hij niet onverdienstelijk. Zo komt Ikram (15) later deze maand een dag met hem meelopen. Ook al weet ze eigenlijk al ’90 procent zeker’ dat ze straks een opleiding wil gaan doen tot dierenartsassistent. ‘Ik dacht eigenlijk aan een kunstschilder’, zegt ze lachend. ‘Maar hele gebouwen schilderen, dat lijkt me ook gaaf. En in de beveiliging werken eigenlijk ook wel.’

Oké, de jongen rechts is niet Ikram. Maar zo ziet het er wel uit als vmbo’ers op VMBO On Stage komen kennis maken. Foto: Sam Rentmeester

Verweij is één van de 225 ondernemers, bedrijven en instellingen die vanmiddag naar de Delftse sporthal zijn gekomen om vmbo’ers warm te maken voor het leven na school. Een kleine 1.000 vmbo-leerlingen gaan in drie groepen en rondes met ze kennis maken. Onder luid applaus en met muziek worden ze welkom geheten op hun eigen feestje. Om nog maar eens te laten zien dat het vandaag om hén draait. Netwerken met als doel een match tussen ondernemer en leerling. Om die vervolgens een dag mee te laten lopen, en misschien wel te verleiden tot een zaterdagbaantje, een stage of een leerwerkplek. Van tevoren hebben de kinderen zich goed voorbereid: in een ‘paspoort’ staat hun top-5 beroepen en ze hebben vragen geoefend (liever: wat zijn de werktijden en wat doe je op een dag, dan: wat verdien je eigenlijk?).

Wat is dat: VMBO On Stage?
In 22 regio’s worden de beroepenfeesten georganiseerd. Sommige regio’s doen in 2019 voor het eerst mee, terwijl in Delft nu 12 keer een VMBO On Stage is geweest. In totaal zijn er de afgelopen jaren zo’n 100.000 leerlingen bereikt. Volgens de organisatie is het nadrukkelijk niet bedoeld als een speeddatesessie, maar als het opbouwen van een netwerk voor leerlingen. 25 procent van de eerste lichtingen werkt, na het voltooien van het mbo, bij het bedrijf dat ze bij On Stage hebben ontmoet op hun 15de. Ook vonden leerlingen bijbanen, vakantiewerk of stages.

En een goede voorbereiding, die is ook wel nodig. Want anders is de keus te groot: zo’n beetje elk beroep dat je kunt bedenken, is aanwezig, verdeeld over vieren kleuren – zoals blauw voor techniek en groen voor de groensector. Boswachter, loodgieter, kinderopvangmedewerker, chef-kok, politieagent. Het is een bonte, vrolijke verzameling zo bij elkaar. Er is zelfs een advocaat in toga. ‘Sommige mensen vinden dat misschien gek’, zegt Corine Korrel, ondernemer én bedenker van VMBO On Stage. ‘Maar waarom mag een kind niet dromen? Ga maar stapelen. Of raak geïnspireerd om een ander, gerelateerd beroep te kiezen.’

Ja, er staan ook advocaten in toga op On Stage, vertelt Corine Korrel. ‘Want waarom mag een kind niet dromen? Ga maar stapelen’ Foto: Sam Rentmeester

Twaalf jaar geleden was in Delft het eerste Beroepenfeest. Korrel verklaart haar enorme enthousiasme met haar sterrenbeeld: stier. ‘Ik reageer goed op rode lappen, en daar heb ik een rode loper van gemaakt’, lacht ze. ‘Ik heb vier kinderen, en het viel me op dat andere ouders me feliciteerden als mijn kind vwo-advies had gekregen, terwijl ze tegen een kind dat naar het vmbo gaat zeggen: ‘Geeft niet hoor.’ Ze schudt haar hoofd. ‘Ik vind dat bizar. Je geeft een kind vanaf zijn 12de mee dat het eigenlijk niet meetelt. Dáár krijg je boze burgers van. En let op, deze kinderen zijn geen werkbijen hè. Ik erger me er ook aan dat er nu opeens wél aandacht voor het vmbo is. Bedrijven moeten ook hun best doen als de nood minder hoog is.’


‘HET VIEL ME OP DAT ANDERE OUDERS JE FELICITEREN ALS JE KIND EEN VWO-ADVIES KRIJGT, MAAR NIET ALS IE NAAR HET VMBO GAAT. BIZAR!’

‘En het dedain waarmee de politiek over creatieve opleidingen praat.’ Korrel stoort zich eraan. ‘Nee, niet ieder kind staat straks in Carré, maar ook in die sector is er werk. Als een kind nou ’s avonds in zijn bed ligt te stuiteren van het enthousiasme voor zo’n opleiding. Ik zeg: ‘Weg met de clichés.’ Net als het idee dat meiden hier alleen voor beauty komen. Nee, ook die willen slopen of bij Defensie.’

‘Degene met sterretjes in de ogen, die moet je hebben’, zegt Leon Korevaar, ook wel bekend als bakker Suikerbuik.  Foto: Sam Rentmeester

Maar hoe weet je nou echt of een kind écht interesse in jouw vak en bedrijf heeft? Leon Korevaar, in Delft beter bekend als Bakker Suikerbuik, staat erover te peinzen met twee horeca-collega’s van het Hampshire Hotel. ‘Dan vraag ik aan ze: ‘Weet je eigenlijk waar mijn bakkerij is in Delft?’ Korrel heeft een betere tip voor hem. ‘Meestal gaat een kind op pad met twee ‘bodyguards’, twee vriendjes dus die meegaan voor de gezelligheid. Die zijn niet per se geïnteresseerd, maar staan er wel bij’, zegt ze. ‘Degene met sterretjes in de ogen, die moet je hebben. Die is vandaag opgestaan met idee om bij jou te komen kijken.’ Op dát kind moeten ondernemers zich dus richten.

En sterretjes in zijn ogen heeft Ilias (15) – bruine ogen, zwarte haren strak achterover gekamd – als hij staat te praten bij Blom DSW. De match is binnen, de afspraak om een keer langs te komen gemaakt, en hij geeft de ondernemer een ferme handdruk. ‘Ik wil graag monteur worden’, zegt hij opgewekt. ‘Net als mijn broers en vader.’

Ook de stoere afvalverwerker heeft geen enkele moeite om kinderen enthousiast te krijgen Foto: Sam Rentmeester

Hij laat zijn paspoort zien, waar naast monteur óók makelaar en interieurontwerper in staan als mogelijke beroepen. Maya (15) kwam juist speciaal voor Staatsbosbeheer, maar was zwaar onder de indruk van de mannen en vrouwen van Defensie. Toegegeven, de meeste leerlingen drommen toch om de politie en de brandweer heen. Maar ook de stoere afvalverwerker Nico van der Wansem heeft geen enkele moeite om kinderen enthousiast te krijgen. In een kringetje staan ze om hem en zijn eveneens imposante collega heen. ‘Plastic soep, klimaatverandering: dat gaat de jeugd aan. En dat komt allemaal samen in ons beroep’, zegt hij. ‘Dus nee, wat dat betreft vind ik het niet verrassend dat er zoveel interesse is voor onze sector.’


‘PLASTIC SOEP, KLIMAATVERANDERING: DAT GAAT DE JEUGD AAN. EN DAT KOMT HIER ALLEMAAL SAMEN’

Iets meer moeite om leerlingen te verleiden kennis te komen maken hebben technicus Mario Tak en managementassistent Joke Brons van ZF Services. Het bedrijf maakt de aandrijvingstechniek voor de versnellingsbak van auto’s en vrachtwagens. ‘Hier staan is ook eigenbelang’, zegt Brons. ‘Een paar jaar geleden hebben we een onwijs goede monteur leren kennen. Maar onze vacatures staan ook rustig een halfjaar open. Leerlingen gaan eerder naar autotechniek, terwijl wij juist verdergaan waar dat vak ophoudt.’

‘Vorig jaar hebben we hier een onwijs goede monteur leren kennen.’ Nee, ZF Services staat hier niet voor niets
Foto: Sam Rentmeester

Opvallend: het mkb is goed vertegenwoordigd, maar grote bedrijven schitteren door afwezigheid. ‘Wáár zijn de ceo’s van Philips, van DSM, en Ziggo? Hun toeleveranciers kunnen niet zonder deze kinderen’, zegt Korrel, terwijl ze om zich heen gebaart. ‘Heel goed hoor dat ze een foundation hebben voor kinderen in arme landen, maar ze kunnen ook hier zijn.’ En neem nou de NS, zegt ze. ‘Er staat hier vandaag een machinist op persoonlijke titel. Maar waarom is de NS hier niet gewoon?’ Een bedrijf moet, kortom, niet roepen dat er te weinig mbo’ers zijn, en vervolgens niet investeren in het vmbo en wel in het mbo. ‘Dit is een hele andere groep, in een andere leeftijdsfase. Het vmbo verdient een eigen stem.’

The day after: wat levert VMBO On Stage banketbakker Matthijs Stoffer op?

Veertig jaar zit hij al in het vak, Matthijs Stoffer. Een Delftse banketbakker die ook veel à la carte maakt (‘als jij kersen in plaats van jam in je taart wilt, dan regel ik dat’) en in een kleine werkruimte zijn taarten, koekjes en bonbons maakt. Plek voor de 30 vmbo-leerlingen die zich hebben aangemeld tijdens vmbo on stage, is er niet. ‘Ze mogen wel komen kijken, ik leid ze rond, en met wie dan écht nog enthousiast is, ga ik vervolgens een aparte afspraak maken om te gaan bakken.’ Ook voor Stoffer is zo’n netwerkdag spannend. Want hoe filter je nou de leerlingen eruit die écht interesse hebben in het vak van de banketbakker en niet alleen maar langs willen komen omdat het formulier van de makelaar of de automonteur al vol was? ‘Gisteren sprak ik een meisje met twinkelende ogen, van wie ik dacht: dat kan nog weleens wat worden. Ze stelde vragen, had echt interesse. Zoiets kan heel subtiel gaan, he. Ik heb ooit een jongen aangenomen die nog geen drie zinnen zei, maar wel tijdens een bakwedstrijd de beste appeltaart van Nederland heeft gebakken.’ Stoffer heeft ook een aantal keer ‘nee’ gezegd tegen kinderen die wilden komen kijken. ‘Dat gaat bij mij door merg en been, maar ik heb maar beperkt plek en de interesse moet er wel echt zijn. Het zou goed zijn als er meer collega-banketbakkers aanwezig zouden zijn, dan kunnen we de kinderen verdelen.’

Bron:  VNO NCW – Judith Katz / 03-05-2019