55% OZB door bedrijven

De economische ontwikkelingen zijn onzeker en onduidelijk. Veel ondernemers hebben het lastig en de vooruitzichten zijn niet goed. Het is dan ook opmerkelijk dat de gemeente lijkt te kiezen voor een drastische lastenverzwaring voor ondernemers in dit economisch tij middels een verhoging van de OZB-aanslag.

Om de begroting sluitend te krijgen redeneert de gemeente vanuit de inkomstenkant terug naar een OZB-tarief. Voor 2012 wil men dan ook een opbrengstverhoging uit OZB-heffingen van +6,5% om te komen tot totale inkomsten uit de OZB van €4.571.390,-. Van dit totaalbedrag moet in 2012 €2.037.529,- opgebracht worden door de woningen en €2.534.401,- door de niet-woningen (bedrijven). De niet-woningen zijn dus verantwoordelijk voor 55% van de inkomsten.

Afgaande op circa 11% verhoging van de OZB mogen de niet-woningen (bedrijven) in 2012 ongeveer €250.000.- meer OZB richting de gemeente afdragen.

Overigens is in de Kadernota 2011-2014 door de gemeente aangegeven dat de onroerende zaakbelasting de komende jaren in stappen verhoogd wordt tot het landelijk gemiddelde tarief. Dit tarief is het tarief zoals opgenomen in de Atlas van de lokale lasten van het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (Coelo). De aanpassing nu oogt als een grote stap maar is in lijn met dit uitgangspunt (nog 1 stap van circa 9% is nodig om te komen op het gemiddelde) doch de economische omstandigheid is wel geheel anders. Wij beschouwen het dan ook als een forse lastenverzwaring binnen de huidige tijdgeest. Een lastenverzwaring die een grondige afweging verdient alvorens er een besluit genomen wordt.