Bouw: dansen op graf kleintjes

Het is oorlog in de bouw. Middelgrote aannemers zuchten onder de financiële crisis en vallen met bosjes tegelijk om. De grote bouwers doen weinig tot niets om hen te helpen en jagen als hyena’s op de projecten die de failliete ondernemingen in portefeuille hebben.

Tot overmaat van ramp riep topman Nico de Vries van bouwreus BAM vorige week dat de ondergang van enkele middelgrote bouwers zelfs ‘een zegen is voor de markt’. Vicevoorzitter Gijs Buijs van Aannemersfederatie Nederland, die het mkb bijstaat, is woedend. “Hij zou zich diep moeten schamen.”
In tegenstelling tot kleinere bedrijven die zich veelal op de verbouwingsmarkt storten, zijn de middelgrote bouwreuzen als onderaannemers afhankelijk van de grote jongens. Zij hebben te maken met overcapaciteit en hebben nauwelijks mogelijkheden om flexibel om gaan met personeel, opdrachten en geld.

De afgelopen maand alleen al gingen Midreth en Heddes – twee gerenommeerde bouwbedrijven – failliet. Volgens de Aannemersfederatie Nederland (AFN) heeft de top van de bouwwereld geen hand uitgestoken om Midreth en Heddes te redden. “Zij zijn zelfs medeschuldig aan de ellende bij middelgrote bouwers”, briest Buijs. Volgens hem vissen bouwreuzen er nu ook lustig op los in de vijver van projecten waar ze eerder hun neus voor ophaalden. Zij zouden daarmee zwakkere broeders, die volledig afhankelijk zijn van kleinere opdrachten, uit de markt schudden.

BAM-topman De Vries maar ook bouweconomen staan erop dat het voor de markt gezond is dat de overcapaciteit in de branche vermindert. “Dat is goed voor de marktverhoudingen”, zei De Vries afgelopen vrijdag nog . “Dat is nou eenmaal inherent aan de crisis”, zegt ook bouwexpert Bettina van de Weteringen. Buijs zegt dat de toenemende concurrentie op de markt van de kleinere projecten het faillissement zal betekenen voor meer bedrijven. “Er wordt hier en daar zwaar onder de kostprijs gewerkt. Middelgrote bedrijven doen hier gretig aan mee om hun mensen aan het werk te kunnen houden”, weet ook Van de Weteringen. “Helaas houden mkb-bedrijven dat niet zo lang vol. Zij hebben door de marktomstandigheden nauwelijks toegang tot krediet.”

De grote bouwers weigeren noodlijdende mkb’ers over te nemen maar spelen wel steeds vaker voor bank. “Mooie projecten worden aan hen verkocht in ruil voor liquide middelen of andere financiële steun”, stelt Barry Noort van de Stichting Kredietbehoud. Bij faillissementen zijn de grote bouwers er helemaal als de kippen bij om de krenten uit de pap te halen. “Een bedrijf in surseance in zijn geheel overnemen doen ze niet, dat is lastig. Dan worden ze ook opgezadeld met de schulden, daar hebben ze geen zin in. Dat drukt te veel op de balans. Een typisch gevaltje: niet de lasten maar wel de lusten.”

Ondertussen kunnen de gespecialiseerde bedrijven plaatsnemen in de lange rij van crediteuren. Ook Jan van Marel, toeleverancier van het omgevallen Heddes, weet dat hij kan fluiten naar zijn centen en vreest voor een kettingreactie. “Ik krijgen nog enkele tienduizenden euro’s van de Hoornse aannemer, maar ik zal mijn verlies moeten nemen. Ik weet niet of ik dat trek. Waarschijnlijk zal ik ook failliet gaan.”

Buijs zegt dat de bouwers nog een ander aandeel hebben in de financiële penarie waarin veel middelgrote bedrijven nu zitten. “De overheid betaalt de hoofdaannemer keurig volgens de regels binnen de betalingstermijn van 30 dagen”, aldus de AFN-vicevoorzitter. Die termijn is ingesteld als een soort crisismaatregel om te zorgen dat bouwbedrijven niet kopje-onder gaan. Op hun beurt blijken veel hoofdaannemers de onderaannemers niet op tijd te betalen waardoor die in ernstige financiële problemen kunnen komen. “Sommige topbedrijven versterken zo hun balans ten koste van bijvoorbeeld dakdekkers en metselaars, die het slechte betalingsgedrag van hun bazen het afgelopen jaar alleen maar erger hebben zien worden. Een termijn van 90 dagen is allang geen uitzondering meer.”

Volgens een nieuw onderzoek van het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid blijkt dat banken iets soepeler zijn geworden als het gaat om het verlenen van kredieten. ABN Amro, een van de grootste financiers van de bouwsector, zegt nog steeds kritisch te kijken naar de financieringsstructuur en de bedrijfsvoering van ondernemingen. “Dat deden we altijd al, maar de marges zijn dun en de voorfinanciering moeilijk.”