Burgemeester: ‘Imago G’berg geschaad’

Volgens burgemeester Matthieu Meijer van Geertruidenberg heeft het imago van de gemeente met de affaire rond de vestiging van het bedrijf ISP Holding op De Pontonnier in Raamsdonksveer een flinke deuk opgelopen.

Uit een gemeentelijk onderzoek dat maandag werd vrijgegeven, blijkt dat bij de vestiging van het kledingconcern ISP Holding op het bedrijventerrein gemeentelijke regels voor grondaankoop, bouw en bestemming met voeten zijn getreden. De oorzaak volgens burgemeester Meijer: een reeks van nalatigheden, zowel ambtelijk als bestuurlijk. „Helaas zijn wij geen bedrijf dat meteen een reclamecampagne op kan starten om dat imago weer op te vijzelen. Maar ik hoop dat het iets goed maakt dat wij erg transparant zijn over het maken van fouten. Ik ken ook weinig gemeenten die zo’n degelijk rapport afleveren over een misgelopen proces.“

Volgens Meijer werden begin 2000 de criteria voor bedrijventerrein De Pontonnier vastgesteld. Het ‘natte’ gedeelte was bedoeld voor bedrijven die in de kern moesten verhuizen vanwege nieuwbouwproject Dongeburgh. Het ‘droge’ gedeelte werd toegewezen aan bedrijven die in de kern overlast veroorzaken. „Na de vaststelling van de criteria komt er een hele tijd niets. Dan ligt er in juli 2004 een nota met daarin het verkavelingsvoorstel voor De Pontonnier. Ook ISP is daarin opgenomen. De nota wordt door het college aangenomen. En dat is de basis-omissie, daar is het fout gegaan. In de nota staat niets over de reden van de verplaatsing van het bedrijf, dat het een ander geval is dan de rest van de bedrijven. Er wordt ook niet gerefereerd aan het besluit van 2000. Wij merken dat niet op en ook vanuit het ambtelijk apparaat wordt er geen melding van gemaakt. In een later stadium, toen het verkavelingsvoorstel al was vastgesteld, is er in het college mondeling melding van gemaakt dat ISP niet matchte met de criteria. Wanneer dat precies was, weet ik niet meer, het is niet schriftelijk vastgelegd.“

Volgens Meijer worden, op basis van het aangenomen verkavelingsvoorstel, de onderhandelingen doorgezet. Op 31 augustus wordt de grond aan ISP verkocht. „Er wordt dan ingestemd met de driehoekstransactie. De gemeente krijgt het voorkeursrecht op de locatie die ISP op Dombosch achterlaat. De verkoop wordt doorgezet, ook al zijn we op de hoogte van het feit dat het bedrijf niet aan de criteria voldoet. Een reden is onder meer behoud van werkgelegenheid. Zes werknemers klinkt weinig, maar dat vind ik het niet. Wij achten het van groot belang dat de eigen, kleine bedrijven een kans krijgen.“ De grondprijs die bij ISP is gehanteerd, is exact dezelfde als die bij de andere bedrijven. „In eerste instantie is tussen tekentafel en praktijk een en ander misgegaan, maar dat is later gecorrigeerd.“

Na de verkoop van de grond begint fase twee van het verhaal, zoals Meijer het noemt. „De bedoeling was dat ISP al haar bedrijvigheden zou concentreren. Op enig moment wordt een ambtelijke brief richting de directeuren Van Dijk en Vis verstuurd waarin staat dat toestemming wordt verleend voor verhuur van een deel van het pand aan derden. Met derden werden bedrijven, gelieerd aan ISP bedoeld. In de brief staat ook duidelijk dat de bedrijvigheid moet passen in het bestemmingsplan en dat moet worden gemeld welke huurders er in het pand komen. Van Dijk en Vis hebben de brief aanzienlijk te ruim geïnterpreteerd. Daar kwamen we achter toen we op straat hoorden dat onder meer Bos Accountants & Belastingadviseurs naar De Pontonnier zou verhuizen. Toen gingen de alarmbellen rinkelen. Het is nooit onze bedoeling geweest daar een bedrijfsverzamelgebouw te vestigen.“ In februari van dit jaar ontvangen Van Dijk en Vis een brief van de gemeente waarin zij erop worden gewezen dat hun activiteiten in strijd zijn met het bestemmingsplan. Van Dijk spreekt zijn ongenoegen uit over de brief, maar de gemeente laat weten dat correct is gehandeld en dat Van Dijk, als hij het daar niet mee eens is, maar naar de Nationale Ombudsman moet stappen. „We hebben nog geen nieuwe reactie ontvangen van Van Dijk. We zullen al onze rechtsmiddelen inzetten om de situatie zoals Van Dijk en Vis deze willen creëren, te bestrijden.“

Meijer meent dat er niet één schuldige is aan te wijzen in de affaire. „Het is een samenloop van verschillende zaken. De in juli gepresenteerde informatie was niet volledig. Omdat het een paraafbesluit betrof, werd er vervolgens geen discussie over gevoerd. Dat wekt helaas de indruk dat er bij de gemeente niet wordt gewerkt volgens de regels en ook de namen van Van Dijk en Vis zullen wellicht beschadiging oplopen.“ Om dergelijke situaties te voorkomen heeft het college maatregelen genomen: portefeuillehouders houden geen gesprekken meer zonder aanwezigheid van een behandelend ambtenaar. Van die gesprekken worden verslagen gemaakt en de ambtelijke organisatie wordt nadrukkelijk gewezen op de strekking van het mandaatbesluit en de daaruit voortvloeiende rechtsgevolgen.