Deze ondernemer wil niet vluchten voor criminaliteit

Het aantal overvallen mag dan dalen, als het je overkomt als ondernemer heb je weinig aan die statistiek. Een overval hakt er in, bij jezelf en bij je personeel, vertelt de Dordtse supermarkteigenaar Cees van der Poel. ‘Het levert echt een trauma op.’

ceesvanderpoelcriminaliteitindesupermarkt

‘Tja, dat was niet zo handig van me.’ Supermarkteigenaar Cees van der Poel zegt het een paar keer tijdens het interview over de twee overvallen die hij heeft meegemaakt in zijn Albert Heijn in Dordrecht. Hij achtervolgt overvallers en winkeldieven de straat op, of pakt de auto om op zoek te gaan in de wijk. Dat heeft hem al eens een steekwond opgeleverd. Hij beseft dat hij daarmee niet het goede voorbeeld geeft aan zijn personeel, maar ze moeten gewoon van zijn spullen afblijven, zegt hij.
De AH maakt deel uit van een klein winkelcentrum in de Wielwijk, met verder onder meer een Aldi, een Zeeman en een Kruidvat. In een krap kantoortje in zijn Albert Heijn-winkel, dat Van der Poel ook nog eens deelt met een administratief medewerker, wil hij wel vertellen wat dat met je doet als ondernemer, twee gewapende overvallen en ontelbare winkeldiefstallen.

Overval 1
‘In 2000 was de Wielwijk nog hartje getto, met diefstallen en bedreigingen aan de lopende band. Ik was de winkel net begonnen, op mijn 25ste. De overval vond plaats op donderdag, tijdens koopavond. Mijn vrouw, die normaal nooit ’s avonds werkte, viel die dag in achter de kassa. Vier gemaskerde mannen stormden de winkel binnen. Mijn vrouw kreeg een klap, werd op de grond gedrukt en kreeg een pistool tegen haar hoofd. De andere overvallers gingen als een wervelwind door het kassapark heen.’
‘Ik stond in de winkel en zag het van een afstand gebeuren. Ik heb toen de klanten en het overige personeel richting het magazijn geloodst. Natuurlijk lag daar mijn vrouw, maar je moet op zo’n moment niet de held uit gaan hangen. Je kunt toch niks doen. Dan loop je naar vier gasten toe die onder hoogspanning staan.’
‘Binnen een paar minuten was het voorbij en vluchten de overvallers in een auto. We hebben op de overvalknop gedrukt om de politie te alarmeren, en die heeft daarna de wijk afgezet. De daders waren al gevlogen.’

Het doet wat met je
‘Ik had eerder vechtpartijen meegemaakt met winkeldieven die betrapt werden, en daar wel eens een blauw oog aan overgehouden, maar dit was toch een stuk heftiger. Zoiets heeft een mega impact op je team. Van de medewerkers die de overval van dichtbij hebben meegemaakt, werkt niemand meer in de winkel of überhaupt in de detailhandel. Het doet toch wat met je.’
‘Er begint dan een heel circus aan nazorg. Ahold heeft daar een speciaal risk & security-team voor om je als winkelier te helpen. Slachtofferhulp wordt ingeschakeld en die richt zich onder meer op stille werknemers die de overval misschien niet eens hebben meegemaakt, maar op wie de impact toch groot kan zijn. Ik heb één keer een groepssessie van Slachtofferhulp meegemaakt, maar dat is niks voor mij. Ik heb het daarna zelf een plek gegeven.’

De volgende dag
‘Ik vroeg me al snel af: gaan we morgen open? In overleg met de werknemers is toen besloten om wat later open te gaan. Daarnaast had ik de eerste vier weken een beveiliger in de winkel. Maar dat is schijnveiligheid, meer voor de rust naar je mensen toe, want wat begint één beveiliger tegen vier criminelen? Bovendien is het behoorlijk kostbaar. Bizar wat je daarvoor betaalt. Dus dat moet je snel afbouwen. We hebben wel camera’s, poortjesalarm en buizenpost voor het wegsluizen van papiergeld uit de kassa’s. Zo weinig mogelijk geld in de kassa, dat is het devies. De overval heeft ook maar een miniem bedrag opgeleverd. Zoveel mogelijk pinnen zou beter zijn, maar dat moeten je klanten wel willen.’

En het gaat maar door
‘In de jaren na de overval bleven de diefstallen en bedreigingen doorgaan. Ik ga er zelf altijd vol op als ik een winkeldief betrap. Wie van mij steelt, gaat mijn pand niet uit. Als we dieven via de camera’s betrappen, plaats ik een foto van die persoon op Facebook, met de mededeling dat die klant een prijs heeft gewonnen, en of iemand die persoon kent. Of het mag weet ik niet, maar het werkt wel.’
‘Stel je eens voor hoe het voor mijn werknemers is. Zij vinden het aanhouden van een winkeldief soms al eng. En in afwachting van de politie moeten we de dief ook nog in de winkel zien te houden. Het gebeurt ook nog wel eens dat er mensen een beetje dreigend voor je winkel rondhangen.’

Bron: VNO-NCW.nl