Dure grondstoffen een indicator?

Toen vorig jaar de prijzen van grondstoffen door het dak gingen, zeiden de experts dat het allemaal nog veel hoger kon. Zo nadere de olieprijs de 150 dollar per vat, maar volgens Goldman Sachs – puur toevallig een belangrijke handelaar in olie – lag de weg naar tweehonderd dollar open. Niet alleen olie werd duurder. In de slipstream gingen de prijzen van andere grondstoffen, hard en zacht, rap omhoog. Zilver verdubbelde in prijs. Goud vloog van zevenhonderd naar duizend dollar.

Bubbel? Daarover waren de meningen verdeeld. Ja, want speculanten dreven de prijs op. Nee, want de grondstoffenhonger van China leidde tot schaarste, dus hogere prijzen. Maar ja, juist toen ook de meest sceptische belegger eindelijk een maandje grondstoffen had aangeschaft, klapten de prijzen in elkaar. Kredietcrisis en recessie eisten hun tol. In december 2008 deed een vat olie nog maar 32 dollar. Hoe anders is de situatie nu een half jaar later. Alsof de crisis al lang en breed is opgelost, schieten de prijzen van grondstoffen weer omhoog.

Zijn de huidige stijgende/hoge grondstofprijzen wel te verantwoorden? De vraag stellen is hem beantwoorden. Zolang de gekochte olie nu nog verdwijnt in voor de kust geparkeerde tankers, speelt de werkelijke vraag naar olie mogelijk een ondergschikte rol.