Krimp Brabantse beroepsbevolking probleem

Brabant staat aan de vooravond van een krimp van de beroepsbevolking. Het jaar 2010 markeert het omslagpunt. Nu al is het voor de meeste bedrijven lastig om de vacatures gevuld te krijgen; en dat wordt alleen maar moeilijker.

Bij ongewijzigd beleid is er in 2015 een tekort aan 45.000 werknemers, zo blijkt uit het rapport Brabant in de internationale arbeidsmarkt dat SER Brabant in opdracht van de provincie heeft gemaakt.

Er is dus werk aan de winkel voor provincie en gemeenten om de beroepsbevolking op peil te houden. Daarbij moeten twee wegen worden bewandeld:

  • Het inzetten van al het potentieel aan laag of ongeschoold personeel om ervoor te zorgen dat Brabant niet overspoeld wordt door migranten en daarmee gepaard gaande problemen
  • en het aantrekken en vasthouden van internationale kenniswerkers,

zo luidt het advies van SER Brabant aan de provincie. “Als de arbeidsmarkt niet beter gaat werken dan nu, hebben we op alle niveaus migranten nodig. Maar daarin staat Brabant niet alleen. Heel West-Europa is aan het vergrijzen en overal is er een vraag naar arbeidskrachten. Er is concurrentie tussen regio’s in West-Europa. Als huisvesting, goed werkgeverschap en andere voorzieningen niet op orde zijn, trekken mensen ergens anders heen”, zegt SER Brabant-voorzitter Gerrit-Jan Swinkels. Momenteel wordt circa vijf procent (60.000 van de Brabantse banen (1,2 miljoen) bezet door arbeidsmigranten. En dat hoeft volgens Swinkels niet veel meer te worden. “Het beschikbare potentieel op de arbeidsmarkt in Brabant bedraagt circa 100.000 mensen.Dat moet er in principe voor kunnen zorgen dat de uiteindelijke vraag naar internationale arbeidskrachten niet onnodig oploopt.” Swinkels ziet niets in het zomaar toelaten van migranten om de krapte te lijf te gaan. “De meesten blijven twee tot zeven maanden hier. Het gaat vaak om wisselende populaties uit verschillende herkomstlanden. Voor behoud van de continu├»teit is het beter het eigen arbeidspotentieel van Brabant te ontwikkelen.”