Meer fijnstof gemeten in Veerse lucht

Bijna 250 inwoners van Raamsdonksveer zijn in 2006 met enige regelmaat blootgesteld aan te hoge concentraties fijnstof. Dat blijkt uit luchtkwaliteitsmetingen van de Regionale Milieu Dienst (RMD). In 2005 werden volgens de RMD zo’n 190 Verenaren blootgesteld aan te veel fijnstof. Toen bereikte de vervuiling volgens de RMD-metingen minder gevels dan in 2006, waardoor het aantal blootgestelden lager lag.

“Mensen mogen van het Rijk gedurende 35 dagen per jaar worden blootgesteld aan waarden boven de grenswaarde”, zegt milieuwethouder Louise Laurijssen. “Op de onderzochte plekken gebeurde dat vaker. Dat betekent dat die locaties minder gezond zijn.” Langdurige blootstelling aan hoge concentraties fijnstof kan onder andere leiden tot hart- en longziekten, bronchitis en astma. Hoe sterk het verband tussen blootstelling en ziekten exact is, is nog niet aangetoond.

De RMD verrichte in 2006 onderzoek naar de luchtkwaliteit op zeven locaties in Raamsdonksveer, waar een jaar eerder te hoge concentraties fijnstof voorkwamen. Het gaat om de Breetweerlaan, de op- en afrit van de A59, de Beatrixlaan, Wilhelminalaan, St. Jozeflaan, Het Spant en de Keizersdijk. De RMD heeft voor die locaties twee zaken vastgesteld: hoe vaak de toegestane waarden voor fijnstof zijn overschreden en hoeveel omwonenden van genoemde wegen daaraan worden blootgesteld. Bij de Wilhelminalaan schiet de concentratie van fijnstof het vaakst boven de toegestane waarden uit. Daar bevatte de lucht in 2006 op 68 dagen meer fijnstof dan toegestaan. Bij de op- en afrit van de A59 gebeurde dat het minst vaak, op 38 dagen.

De meeste mensen werden aan te veel fijnstof blootgesteld aan de Keizersdijk. Volgens de RMD staan daar 65 woningen die te maken krijgen met overschrijdingen, daar zouden 150 mensen in wonen. “De hoge concentraties hebben een aantal oorzaken”, zegt Laurijssen. “Heel West-Brabant heeft sowieso een vrij hoge concentratie van fijnstof. Meer lokale uitstoot van verkeer en industrie verbetert dat niet.” Ook de inrichting van wegen heeft volgens Laurijssen invloed op lokale fijnstofwaarden. “Als bij een weg aan beide kanten bebouwing staat bijvoorbeeld, kan fijnstof minder goed weg dan bij een brede weg waar maar aan een kant bebouwing naast staat.” Een aantal Brabantse steden, waaronder Geertruidenberg, werkt samen aan een programma voor verbetering van de luchtkwaliteit. “Denk bijvoorbeeld aan beperking van transportverkeer op bepaalde wegen of eisen aan het eigen wagenpark van de gemeente. Maar ook aan de aanleg van de Westtangent; die zal een positief effect hebben op de luchtkwaliteit bij een aantal van de onderzochte wegen.”