Nieuw overleg over Bergse fietsenzaak

Mondelinge toezeggingen ten spijt moet fietsenhandelaar zijn zaak sluiten. Verkoop van alleen scoorters en brommers met daarbij een werkplaats mag ook niet. Gemeente is echter voornemens een bouwmarkt uit de kern te verplaatsen naar het industrieterrein. Die verkoopt toch ook fietsen?

De gemeente Geertruidenberg gaat overleggen met gedeputeerde Onno Hoes van Economische Zaken over detailhandel op industrieterreinen. Aanleiding is de kwestie rond fietsenhandelaar Martin van Oord, die zijn zaak op het Veerse industrieterrein Dombosch voor 22 september moet sluiten.

Van Oord was gisteravond inspreker bij de commissie Grondgebiedszaken. De gemeente stond jaren toe dat Van Oord, die ook een zaak heeft aan de Grote Kerkstraat, handel dreef aan de Ottergeerde. Argument was dat het bestemmingsplan zou worden gewijzigd, waardoor de handel in ‘volumineuze artikelen’ zoals brommers en scooters zou worden toegestaan. Fietsen vielen daar niet onder. De rechter besloot later echter dat brommers en scooters ook niet mochten. Toen de provincie ook nog eens liet weten niet mee te werken aan de beoogde wijziging van het bestemmingsplan, stelden burgemeester en wethouders dat er geen zicht meer was op legalisatie van detailhandel op Dombosch. Ze besloten te gaan ‘handhaven’, hetgeen betekent dat de zaak van Van Oord voor 22 september dicht moet.

„Al zes jaar roept de gemeente dat er gewerkt wordt aan legalisering“ aldus Van Oord gisteravond. „Nu moeten we in drie maanden tijd een andere geschikte locatie zoeken. Die is gewoon niet te vinden. We hebben 1600 vierkante meter nodig. Hoe komen we daaraan?“, aldus Van Oord, die zestien man in dienst heeft bij de vestiging aan de Ottergeerde. Hij probeert nu een internetwinkel op te zetten, waarbij het pand nog slechts als magazijn dient. „Maar het uitwerken en operationeel maken van dat plan kost tijd. We hebben gevraagd om opschorting van de maatregel van de gemeente, maar die krijgen we niet van burgemeester en wethouders. Ik word behandeld als een crimineel. B en W verwijzen naar provinciaal beleid terwijl er in Made, Rijen, Waalwijk en Sleeuwijk wel tweewielerzaken zijn gevestigd op industrieterreinen.“ Van Oord kreeg bijval van vrijwel alle partijen. VVD’er Peter Bos wees er wel op dat de handhaving door de gemeente was ingegeven door een besluit van de gemeenteraad en dat er een rechterlijke uitspraak lag. Wim Quirijnen van Partij Samenwerking tekende daarbij aan dat fietsenhandelaar Van Strien ook ooit door de gemeente was geholpen om een alternatieve locatie te vinden.

Volgens wethouder Van Onzenoort is er echter in de gemeente geen geschikte plaats te vinden voor Van Oord. „Maar we hebben begrip voor de netelige situatie van Van Oord. We hebben geprobeerd om de termijn van de handhaving op te rekken en gezocht naar een oplossing. We maken nu een afspraak met de gedeputeerde om te proberen de handel van Van Oord bij de volumineuze goederen te krijgen, zodat hij op het industrieterrein kan blijven.“ De wethouder wilde Van Oord niet te veel hoop geven, maar gaat proberen de termijn te verlengen. Hij tekende ook nog aan dat een internethandel wel tot de mogelijkheden behoort.