Offensief hoogbouw Den Berg

“We begonnen de actie tegen de hoogbouw in het centrum in november 2008. Wat er bereikt is? Veel commotie. De publieke opinie is gemobiliseerd, maar de plannen zijn niet werkelijk veranderd en gaan in afgeslankte vorm gewoon door. De gemeente heeft een soort mist opgeworpen. Het is tijd voor een nieuw offensief.”

Voorzitter Jan van Gils van de Oudheidkundige Kring Geertruydenberghe protesteerde driekwart jaar geleden als eerste tegen gemeentelijke plannen om in en rond het historisch centrum van het oude stadje gebouwen tot 16 meter hoog op te trekken. Van Gils: “De muur van hoogbouw achter de Koestraat is 5 meter opgeschoven, zodat de bewoners iets meer licht in de tuin hebben. De hoogbouw van De Riethorst en omgeving blijft, alleen ietsje lager; de lawaaierige supermarkt blijft. Deze plannen zijn nog steeds te massaal voor een kleinschalig, cultuurhistorisch belangrijk stadje als Geertruidenberg. Versta me goed, wij zijn niet tegen bouwen, wel tegen bouwen op deze schaal.”

Een buurtsuper vindt hij oké, maar een winkel met een oppervlak van 1.800 vierkante meter, zoals bij De Riethorst is gepland, gaat hem te ver: “Dat is groter dan de Albert Heijn in Made; ga maar eens kijken wat dat voor verkeer aantrekt. Dat kan toch niet in een beschermd middeleeuws stadshart. De gemeente beschouwt de oude kern van Geertruidenberg als een wijk. In zo’n wijk hoort een buurtsuper, meer niet. Voor een grote super met een regionale functie zoals wethouder Van Onzenoort die voor ogen heeft, zijn er alternatieven: de Rivierkade onder het derde bastion, het industrieterrein of het vergroten van de super op het Schonckplein.”

Over de procedures rond de bouwplannen zegt hij: “Er zijn informatieavonden, je kunt inspreken, zienswijzen indienen voor een in stukken geknipt plan. Ik heb negen brieven teruggehad van de gemeente, andere mensen ook, maar de burger snapt het niet meer. Dat is de mist waar ik het over had. En al dat procedurele gedoe heeft niet tot wezenlijke aanpassingen geleid.” Hoofdschuddend: ” Wat wij als oudheidkundige kring nog altijd niet begrijpen, is dat de gemeente geen cultuurhistorisch plan heeft voor de oudste stad van Holland. Je zit hier op een kapitaal aan historie, maar een inventarisatie en visie ontbreken, terwijl dat toch het eerste zou moeten zijn. De ambtenaren op het gemeentehuis zullen tijdens hun vakantie ook wel eens in oude steden in België en Frankrijk komen. Ik heb daar nooit flatgebouwen tussen historische panden zien staan en de grote supers staan er aan de rand van de stad op gemakkelijk bereikbare bedrijventerreinen.”

Zoekend naar redenen waarom een cultuurhistorische visie ontbreekt, zegt Van Gils: ” De gemeenteraadsleden en het college van B en W zien het bijzondere van Geertruidenberg niet. Voor hen is het alledaags; ze wonen er en kijken eroverheen. Ik snap het niet. Het zal wel een soort bedrijfsblindheid zijn. De trots op monumentaal Geertruidenberg ontbreekt. En dat terwijl ik tijdens geleide stadswandelingen van iedere buitenstaander grote waardering hoor voor onze mooie stad. We hebben met Geertruidenberg een juweel in handen, maar we zien het niet.”

De Oudheidkundige Kring Geertruydenberghe heeft een najaarsoffensief en een voorjaarsoffensief tegen de plannen in voorbereiding. Het najaarsoffensief bestaat uit brieven aan prominente Nederlanders, zoals de Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant, en het uitnodigingen van cultuurhistorische experts.
Daartoe zijn al ter zake kundige hoogleraren benaderd, zoals prof. dr. Gerard Rooijakkers uit Nijmegen en de Brabantse historicus Arnoud-Jan Bijsterveld. Het voorjaarsoffensief staat in het teken van de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2010. Van Gils: “Dat wordt een campagne om de lokale politiek te beïnvloeden. We moeten niet verzaken. Ik zeg tegen de bewoners van Geertruidenberg: mensen, niet inslapen! De gemeente gaat gewoon door.”