‘Voor’ of ‘tegen’ super G’berg

Wie is er voor, wie is er tegen een 1.800m2 grote supermarkt in de Riethorst in Geertruidenberg? Het VOG-bestuur heeft hierover geen mening maar vindt wel dat er gekozen moet worden voor een dusdanige opzet dat een optimale voorzieningenstructuur ontstaat in combinatie met goede mogelijkheden voor de detailhandelsoontwikkeling binnen de hele gemeente. De juiste keuzes nu zullen namelijk bepalend zijn voor de mogelijkheid tot benutting van de toekomstige kansen en ontwikkelingen op dit gebied.

Wethouder van Onzenoort berichtte deze week ten aanzien van deze materie als volgt:
De keuze voor een supermarkt met een omvang van 1.800 vierkante meter, in de kom van Geertruidenberg, heeft te maken met het gegeven dat winkelketens supermarkten met een kleiner oppervlakte niet meer willen exploiteren.’

Dit betoog – middels een ingestuurde mening naar BNdeStem – werd door de wethouder gedaan omdat hij weerwoord wilde geven aan diverse critici en wilde aantonen dat de gemeente ruimte biedt aan ontwikkelingen die maatschappelijk nodig zijn.

Natuurlijk goed dat hij als verantwoordelijk wethouder middels dit schrijven tracht de critici van een constructieve uitleg te voorzien. Treurig is dan echter dat zijn parering van de kritiek lijkt te gebeuren middels een feitelijke onjuistheid. PLUS vastgoed heeft immers in juni het Distributie-planologisch onderzoek aan de gemeente gepresenteerd en in het begeleidend schrijven vermeld PLUS-vastgoed het volgende:
PLUS Vastgoed is ervan overtuigd dat de vestiging van een grootschalige supermarkt in de Riethorst de doodsteek zal zijn voor de bestaande PLUS ondernemer in Geertruidenberg. Verder zal deze nieuwe supermarkt concurrerend worden met het winkelapparaat in Raamsdonksveer. Een PLUS supermarkt met een verkoopvloeroppervlakte van circa 1.100 a 1.200 m² aangevuld met enkele versspeciaalzaken en het verder optimaliseren van de aanwezige ondernemers zal ons inziens de beste oplossing zijn voor Geertruidenberg.’

In dit schrijven geeft een winkelketen (PLUS) dus aan een dergelijke supermarkt te willen exploiteren en de verantwoordelijke wethouder beweert nu dat het een gegeven is dat die bereidheid ontbreekt. De discussie wordt er zo helaas niet helderder op en de intentie van het betoog lijkt hiermee achterhaalt.